LEO blogt 12 maart 2025

Omgevingsmanagement is integrerend werken

logo LEO

Omgevingsmanagement is integrerend werken

Als een ambtelijke werkgroep na twee jaar vergaderen en tienduizenden euro’s aan studies nog steeds niet tot een gemeenschappelijk resultaat voor een project komt, was dan de opdracht onmogelijk of schort er iets aan de aanpak? Soms lijken belangen in een opgave onverenigbaar. Deelnemers moeten zich strikt houden aan de opdracht die ze hebben meegekregen. Schaarste aan ruimte, geld en soms ook kennis zet de verhoudingen verder op scherp. Partijen raken dan gevangen in een voortdurende strijd om het eigen gelijk.

Herkenbaar, ook in omgevingsmanagement in de energietransitie. De wens om snel veel woningen te bouwen en bedrijven te elektrificeren stuit bijvoorbeeld op ontbrekende netcapaciteit, waarna een kip-ei-discussie ontstaat over wie als eerste moet bewegen, wie de risico’s moet dragen. Onconventionele maatregelen als lokale opwek, opslag en energie delen, kunnen oplossingen bieden. Maar bedrijven moeten dan een deel van hun autonomie opgeven voor een collectieve energievoorziening, netbeheerders moeten hun rol als netontwikkelaar anders invullen en individuele bewoners moeten hun energievoorziening bijvoorbeeld uit handen geven aan een coöperatieve energiegemeenschap. Eigendoms- en zeggenschapsverhoudingen veranderen. Vasthouden aan traditionele rollen en verworven posities brengt geen oplossing. Partijen moeten juist bewegen om nieuwe oplossingsruimte te creëren. Niet het verdelen van taken en belangen, maar juist het delen van verantwoordelijkheden en eigenaarschap komt dan centraal te staan. Maar hoe kom je tot een dergelijke samenwerking?

In zijn essay ‘Sneller en Beter - Ingrediënten voor een gestage en passende transitie van fossiele naar duurzame energie’ schetste Geert Teisman de contouren van de samenwerking die nodig is om ‘begaanbare paden te vinden waarin welwillenden [...] de ruimte krijgen om slimme combinaties te maken die de bedoeling van de transitie raken.’ Hij pleit voor het combineren van claims op middelen en ruimte in plaats van het gebruikelijke afwegen en wegstrepen. Partijen moeten onderlinge afhankelijkheden erkennen in plaats van bagatelliseren. Met andere woorden: onderzoek gezamenlijk de onderliggende drijfveren, de grotere bedoeling achter de concrete doelen. Zoek de verbanden en overeenkomsten in wat partijen uiteindelijk willen bereiken. Welke meerwaarde er mogelijk is in plaats van te verzanden in het verfijnen en scheiden van belangen. Streef dus naar gedeeld eigenaarschap van de gehele opgave, in plaats van te blijven vasthouden aan het maximaal dienen van het eigen belang. 

Wat betekent dit in de praktijk van plannen en uitvoeren van complexe opgaven? Hoe schep je het vertrouwen, dat basisingrediënt is voor een vruchtbare samenwerking, gebaseerd op gelijkwaardigheid van belangen en gedeeld eigenaarschap van de opgave? Hoe leg je in de samenwerking de basis voor het bereiken van maximale collectieve meerwaarde op de lange termijn, in plaats van maximale bevrediging van individuele belangen op de korte termijn? Als extraatje bij deze nieuwsbrief deel ik ook graag het essay ‘Grenzeloos vakmanschap’ dat ik in 2022 samen met Lidwien Reyn hierover schreef. 

Omgevingsmanagement in de energietransitie verlegt de focus steeds meer van individuele projecten naar energiesystemen waarin de integratie met andere opgaven leidend is. In het omgevingsmanagement gaat het dan vanzelfsprekend ook steeds vaker over de vraag hoe de samenwerking tussen betrokken partijen integrerend kan zijn, zoals hiervoor omschreven. Die vraag is staat voor het team van Platform LEO steeds meer centraal in onze programmering. Omdat de energietransitie én onze leden gebaat zijn bij het ontwikkelen van kennis en vaardigheden die vruchtbare samenwerking bevorderen.